NVTB SPREEKT RECHT (NR. 4): NOGMAALS EIGENDOMSVOORBEHOUD
27-09-2008 10:30:04
Hoe is te voorkomen dat een afnemer van een bouwproduct, zonder te betalen, eigenaar ervan wordt? In onze vorige NVTB Nieuwsbrief (nummer 3) zijn de eisen beschreven voor "eigendomsvoorbehoud". Er blijken de nodige haken en ogen aan eigendomsvoorbehoud te zitten. De voornaamste ervan zal advocaat Remco Smith in deze bijdrage vermelden. Natuurlijk geeft hij u ook suggesties waardoor ú deze problemen voorkomt.
Inleiding
Wellicht ben u al problemen tegen gekomen die bij eigendomsvoorbehoud kunnen spelen. Wat gebeurt er als de tussenhandelaar het door u geleverde isolatiemateriaal doorverkoopt of als de aannemer het in het gebouw verwerkt, terwijl u als bouwtoeleverancier een eigendomsvoorbehoud hebt bedongen? In deze nieuwsbrief geef ik u daarop het antwoord. Ook behandel ik een mogelijk alternatief voor het eigendomsvoorbehoud.
Probleem
Een leverancier van bakstenen verkoopt en levert aan een grote tussenhandelaar bakstenen, waarbij de toeleverancier zich de eigendom van de bakstenen voorbehoudt zolang de koopprijs nog niet is voldaan. Op enig moment blijkt dat de facturen niet worden voldaan. De toeleverancier stuurt een fax naar de tussenhandelaar waarin hij meldt dat hij een beroep doet op het eigendomsvoorbehoud en dat hij binnen enkele dagen de bakstenen zal ophalen.
Vermenging
Bij aankomst in de loods van de tussenhandelaar wijst de tussenhandelaar naar een hoek van de loods. Daar liggen wel vier keer meer bakstenen dan de toeleverancier heeft geleverd. De tussenhandelaar stelt dat alleen die bakstenen meegenomen mogen worden waarvan de toeleverancier kan bewijzen dat hij die heeft geleverd. Daar is dus geen beginnen aan. De bakstenen lijken allemaal op elkaar en zijn niet meer te herleiden tot de toeleverancier. Het vermengen van verschillende partijen bakstenen (of andere producten) is een vorm van oneigenlijke vermenging. De verkoper kan niet meer exact aanduiden voor welke baksteen hij het eigendom heeft voorbehouden. De verkopende partij kan dus niet meer bewijzen welke baksteen (of ander product) hij heeft geleverd. Wat daar de consequentie van is, is niet met volledige zekerheid te zeggen. Verdedigbaar is het standpunt van de verkoper, dat hij een aan zijn levering evenredig deel van de partij bakstenen wil hebben. Indien de toeleverancier in de bouw voor deze situatie komt te staan, moet hij dit standpunt zeker innemen. Maar in de rechtspraak is de lijn te herkennen, dat het antwoord waarschijnlijk zal luiden dat de bezitter van de bakstenen geacht wordt eigenaar te zijn van het geheel. Het eigendomsvoorbehoud wordt daarmee mogelijk doorbroken.
Doorverkoop
De toeleverancier meldt zich bij de slecht betalende tussenhandelaar om de partij bakstenen terug te halen. De tussenhandelaar stelt de bakstenen verkocht te hebben aan een aannemer. De tussenhandelaar stelt zich op het standpunt dat het eigendomsvoorbehoud niet meer geldt, aangezien hij de producten al heeft doorverkocht. Is dat een houdbaar standpunt? Eenieder kan slechts hetgeen verkopen dat hij geleverd heeft. De koper heeft een product gekocht onder eigendomsvoorbehoud. Indien hij dat product weer doorverkoopt is ook dat weer geleverd onder eigendomsvoorbehoud. Maar dit standpunt geldt slechts als de tweede koper wetenschap heeft van het eigendomsvoorbehoud. Wist deze koper niet van het eigendomsvoorbehoud, dan heeft hij de bouwproducten te goede trouw gekocht. Hij wordt tegen de aanspraken van de oorspronkelijke verkoper beschermd. Verwerking baksteen Nu heeft dezelfde toeleverancier in de bouw een behoorlijke hoeveelheid bakstenen geleverd aan een aannemer. Ook in dit geval roept de toeleverancier het eigendomsvoorbehoud in. De toeleverancier meldt zich bij de aannemer met een vrachtwagen en wil de pallets met bakstenen ophalen. Op de bouw aangekomen, blijkt dat de buitengevel al met de bakstenen van de toeleverancier zijn opgetrokken. Kan de toeleverancier in de bouw de gevel naar beneden trekken en de bakstenen weer ophalen?
Het antwoord op deze vraag is dat dat helaas niet mogelijk is. Volgens de wet is de eigenaar van de onroerende zaak eigenaar geworden van de bestanddelen daarvan, dus ook van de bakstenen. Daardoor wordt het eigendomsvoorbehoud doorbroken.
Verlengd eigendomsvoorbehoud
Zo bezien is het eigendomsvoorbehoud op nogal wat manieren te doorkruisen. Zo lijkt een eigendomsvoorbehoud een zwak recht. Het eigendomsvoorbehoud kan echter ook opgerekt worden. Dat noemen wij het verlengd eigendomsvoorbehoud. Door het verlengd eigendomsvoorbehoud strekt het eigendomsvoorbehoud uit over meer dan slechts de tegenover de producten staande facturen. Een verlengd eigendomsvoorbehoud betekent, dat het strikte eigendomsvoorbehoud opgerekt wordt. Onder het eigendomsvoorbehoud kan dan ook vallen toekomstige leveringen en zelfs ook andersoortige vorderingen, bijvoorbeeld tot het leveren van diensten. De toeleverancier, die een verlengd eigendomsvoorbehoud wil bedingen, neemt in de algemene voorwaarden of de overeenkomst het volgende op:
Verkoper behoudt zich de eigendom van de nu en in de toekomst afgeleverde zaken voor, totdat alle huidige en toekomstige vorderingen op koper, uit welke hoofde dan ook, volledig zullen zijn voldaan.
Hiermee kan voorkomen worden dat een eigendomsvoorbehoud al te snel komt te vervallen. Daarnaast wordt op deze wijze beoogd dat bijvoorbeeld geboden diensten onder het eigendomsvoorbehoud vallen. Indien er facturen openstaan vanwege bijvoorbeeld gegeven adviezen of vanwege verwerking van bouwproducten, kunnen onder een verlengd eigendomsvoorbehoud ook die openstaande facturen vallen.
Door een verlengd eigendomsvoorbehoud is het wel mogelijk eerdere en latere partijen bakstenen op te halen. Immers, de verwerkte bakstenen zijn niet betaald. Het eigendomsvoorbehoud blijft op de overige geleverde partijen rusten totdat alle facturen zijn voldaan.
Recht van reclame
Zoals u ziet is er door het eigendomsvoorbehoud veel, maar niet alles mogelijk. Daarnaast moet een eigendomsvoorbehoud uitdrukkelijk overeengekomen worden. Wat nu als het eigendomsvoorbehoud niet in de overeenkomst of algemene voorwaarden staat genoemd? Is het ook dan onmogelijk om de goederen op te halen?
In dat geval kan de verkoper het recht van reclame inroepen. Het recht van reclame is het recht van de verkoper om, indien de prijs niet is betaald, een product door een tot de koper gerichte schriftelijke verklaring terug te vorderen. De koop wordt door de verklaring ontbonden. Partijen hebben jegens elkaar een zogenaamde ongedaanmakingsverplichting. Een ongedaanmakingsverplichting houdt in dat de ene partij de goederen terug moet leveren, en de andere partij de daar tegenover staande facturen, voor zover deze zijn betaald, dient terug te betalen.
Belangrijkste beperking aan het recht van reclame is de termijn waarbinnen de verkoper een beroep op deze bevoegdheid kan doen. De bevoegdheid de zaak weer terug te vorderen vervalt wanneer zowel zes weken zijn verstreken nadat de vordering tot betaling van de koopprijs opeisbaar is geworden, als na 60 dagen, te rekenen van de dag waarop de zaak onder de koper is opgeslagen. Laat de verkoper één van deze termijnen lopen kan hij geen beroep meer op het recht van reclame doen.
Pagina per e-mail verzenden
Vul onderstaand formulier in om uw deze pagina per e-mail naar uw kennis of collega te sturen.
