Smaller Default Larger

De inconvenient truth van de energiecoöperatie

Goedwillende burgers, belangstellend of belanghebbend, vinden elkaar steeds vaker voor een lokale, duurzame energievoorziening: de energiecoöperatie. Dat zijn verenigingen waarbij nu al moet worden nagedacht over de gevolgen van ontbinding daarvan. Wie is over pakweg 25 jaar verantwoordelijk voor weilanden vol defecte zonnepanelen of roestige windmolens van inmiddels ontbonden energiecoöperaties? Zijn onwetende burgers voldoende geïnformeerd?

Juridisch is de energiecoöperatie een variant van de ‘gewone’ vereniging. De coöperatie kent leden, heeft een bestuur en statuten en wordt bij de notaris opgericht. De energiecoöperatie heeft rechtspersoonlijkheid en kan daardoor eigenaar worden van bijvoorbeeld een windmolen of zonnepark. Verder kan het daardoor uit eigen naam subsidies aanvragen, bankklant worden en ook energie verkopen. Anders dan bij een gewone vereniging mag een coöperatieve vereniging namelijk economisch voordeel voor de leden hebben. De rechtsvorm is ongekend populair voor kleinschalige duurzame energieopwekking. Burgers worden aangemoedigd daarvan vooral lid te worden. Vraag is of zij voldoende over de mogelijke consequenties van een lidmaatschap worden geïnformeerd.

Dat heeft te maken met de aansprakelijkheid van leden voor schulden van een coöperatie. Bij een ‘gewone’ vereniging zijn leden niet aansprakelijk. Bij een (energie-)coöperatie zijn leden niet, beperkt of juist volledig aansprakelijk voor de schulden. Deze ledenaansprakelijkheid moet blijken uit de verplichte toevoeging op de naam van de coöperatie: is die aansprakelijkheid wettelijk (WA), beperkt (BA) of uitgesloten (UA)? Let wel: de toevoegingen zijn niet vrijblijvend!

Het belang daarvan wordt duidelijk bij ontbinding van de coöperatie. Wie draait op voor de schulden als geld voor een nieuw windmolenpark of reparatie van een defect zonnepark ontbreekt of als er geen leden meer zijn? De wet wijst naar degenen die bij ontbinding lid zijn of (tenminste! tot een jaar daarvoor) waren. Zij zijn het die de tekorten moeten dragen (art 2:55 BW). Die ‘ledenaansprakelijkheid’ kan zijn uitgesloten of beperkt (UA, BA) maar dat moet dan wel steeds consequent uit de coöperatienaam zijn gebleken. Is dat niet het geval dan komen coöperatieleden van een koude kermis thuis. Wie beschermt goedwillende burgers tegen deze inconvenient truth?

Mr Ewald L.J. van Hal
Directeur vereniging Koninklijke Nederlandse Bouwkeramiek, namens NVTB

Agenda

 

   

Vanwege de huidige maatregelen rondom corona staat voorlopig geen volgende editie van Bouwpoort gepland. Wij hopen, zodra dat weer veilig kan, een Bouwpoort te kunnen organiseren en houden u via onze nieuwsbrief en deze website op de hoogte. 
    


 
 

NVTB & LinkedIn

 

De LinkedIn-groep van NVTB telt inmiddels meer dan 700 leden. Bent u al lid van de groep? Denk en discussieer met ons mee over actuele zaken.

U kunt zich hier voor de LinkedIn-groep aanmelden.

 

Column bestuurslid Ewald van Hal

De inconvenient truth van de energiecoöperatie

Goedwillende burgers, belangstellend of belanghebbend, vinden elkaar steeds vaker voor een lokale, duurzame energievoorziening: de energiecoöperatie. Dat zijn verenigingen waarbij nu al moet worden nagedacht over de gevolgen van ontbinding daarvan. Wie is over pakweg 25 jaar verantwoordelijk voor weilanden vol defecte zonnepanelen of roestige windmolens van inmiddels ontbonden energiecoöperaties? Zijn onwetende burgers voldoende geïnformeerd?

Lees meer...

Merkenrecht helpt materiaalidentiteit

Maak of namaak? Regelmatig leiden opgaven tot verduurzaming en circulariteit tot een materiaal- of productinnovatie die door de naam (of vorm!) aanleunt tegen een bekend bouwmateriaal. Denk aan de ongebakken baksteen (euh?), grasbeton, houtgraniet of plexiglas. Biedt het merkenrecht mogelijkheden tot behoud van materiaalidentiteit?

Lees meer...